( 6 )

rampen, die ik hartelijk wensph, dat » nimmer zullen treffen, of gij zult genood­zaakt wezen , die zoo als zij , te ondergaan.

De Heer Grammon, de Vader mijner jonge zwervers, was een welgesteld Koop­man te Rotterdam , die, bij een uitgestrekt vermógen, een braaf en eerlijk karakter bezat. Ilij had liet ongeluk, 11a eene genoegelijke echtvcrbindlenis van tien jaren , zijne Vrouw te verliezen, die hem twee jonge Kinderen, Maria en Tomas, naliet. Zeer ge­voelig van aard, en met het verlies zijner Vrouw zijn huisselijk geluk en genoegen op eenmaal vernietigd ziende, was de lieer Grammon, door haren dood, zoo zeer in rouw gedompeld', en voedde hij zoo weinig hoop op de goede vorming zijner lieve Kinderen , die nu hunne godsdienstige en liefdevolle leidsvrouw en leermeesteres mistten , dat het verdriet hem ook weldra ten grave sleepte. En nu waren Maria en Tomas ten eenemale van ouderlijke ?org en liefde beroofd , en zouden , zonder

Gods

«fop

---M *

4