voor welke hij in, het eerst bevreesd was, als zij zich om zijnen hals slingerden; naderhand werd hij dezelve meester en at die op. De jonge Sagoïntjes zien er in het eerst leelijk uit, om dat zij bijna geen haar op het lijf hebben. Als zij iets grooter zijn, klimmen zij op den rug of op de schouders hunner moeder, welke hen zoo moet mede- dragen; als haar deze last verveelt, dan
i5u DE APEN.
dragen. — EenOuïstiti, welke op een schip der indische maatschappij naar Engeland gebragt werd , was zeer begeerig naar kleine spinnen en derzelver eijeren, alsmede naar kleine vliegen ; van groote spinnen en vliegen had hij echter eenen afkeer en wilde dezelve gewoonlijk niet eten. — Een andere , die met beschuit, ooft en andere vruchten gevoed werd, at eens, toen hij van zijne ketting af was, een chinesche goudvisch, welke in een glas was, met veel graagte. Men gaf hem daarna kleine alen,

