DE APEN. i43

zich heen , dat men hem het aangezigt met eenen doek moest bedekken.

De bewoners der kaap de Goede Hoop vangen deze dieren dikmaals jong , en dan waken zij over de bezittingen van hunnen meester even zoo vlijtig als de beste honden in Europa. Gewoonlijk legt men hen aan eene ketting, welke men aan eenen paal vastmaakt, en hier vermaakt men zich door hunne vlugheid in het klauteren en sprin­gen. Zij kunnen de pogingen , die men doet om hen te vangen, op eene ongeloofelijke wijze verijdelen. Een dezer dieren , dat aan eene ketting lag, kon op den afstand van eenige roeden , doorgaans met geenen steen getroffen worden , lioc dikmaals men het ook herhaalde; want nu eens ving hij den steen in zijne pooten, als of het een bal ware, en dan ontweek hij denzelven op eene behendige en kluchtige wijze. Men vangt hen somwijlen met honden , maar