overige bijten zij ook met vreesselijke woede om zicli heen, waarbij zij hunne lange tanden voortreffelijk weten te gebruiken. Als iemand zulk een’ Aap plaagt, zelfs als hij aan de ketting ligt, tracht hij hem hij de ooren te vatten, en bijt dezelve zoo nabij het hoofd af, als of zij er met een scheermes afgesneden waren.
6. DE COAITA
OP DE VIERVINGERIGE AAP.
Deze Aap heeft van den kop tot. aan den staart nagenoeg tien duim lengte en een’ staart , die hij de twee voeten lang is. Zijn
i44 DE APEN.
daartoe heeft men een groot getal van de- zelven noodig, dewijl een of twee honden moeijelijk zulk eenen Baviaan kunnen vangen ; want als deze een’ achterpoot van den hond kan grijpen , draait hij die zoo lang om, tot dat dezelve lam is. Voor het

