DE APEN. 167

gen , en dan weder liefkozen. DeSajous zijn echter kiesch in hunnen smaak, en bezitten een eigenzinnig temperament, want zij kun­nen doorgaans zekere personen niet verdra­gen , en hebben voor anderen weder eene buitengewone genegenheid. Deze eigen­schap vindt men echter veelal bij alle dieren van dit geslacht.

1 3 . DE SAÏMIRI; DE EEKHOORNAAP ; HET DOODE KOPJE.

Hij is wegens zijne zonderlinge bewe­ging , Wegens zijne kleinheid , daar hij slechts zoo groot als een eekhoorntje is, en wegens de schoone glinsterende kleur van zijne huid, een van de aardigste dieren on­der de Apen. Zijne oogen zijn groot en le­vendig , en het kleine aangezigt is rond , in het midden met eene bruinachtige vlek ge- teekend , welke zich over den mond en den