180 DE KANGURO.

den , was regtop staande meer dan zes Toe­ten hoog en had eene ontzaggelijke kracht. Somtijds vocht hij met zijnen oppasser dik­wijls een kwartier lang, waarbij hij buiten­gemeen veel list en moed toonde. Hij keerde zich naar alle rigtingen om , om zijnen be­strijder gedurig in het oog te houden , wachtte zorgvuldig het oogenblik af, wan­neer hij hem eenen slag kon toebrengen, en greep hem menigmaal met de voorpoo- ten bij den hals, terwijl hij met zijne ach- terpooten duchtig op zijne scheenen klopte. Als de strijd geëindigd is , stelt zich de Kanguro zijnen bestrijder op nieuw voor , om hem tot een tweede gevecht uit te dagen,* en is niet eer weder in zijn hok te krijgen , voor dat men zijn wijfje erbij brengt, welke hij terstond volgt. Deze beide dieren heb­ben reeds vijf jongen gehad. Ook te Lode-

* Zie (le afbeelding op plaat vm.