DE APEN. 149
liet. De kapitein was over deze gebeurtenis zoo getroffen, dat het hem onmogelijk was , iets van dezen Aap of van deszelfs makker te eten , ofschoon zijn wegwijzer dit geregt voor zeer welsmakend en goed toebereid verklaarde.
7. DE KUIFAAP.
Hu draagt dezen naam wegens de haar- kuif, die hij op den kop heeft. Hij is nagenoeg twee voet lang, bezit de kleur van den wolf en heeft eenen grooten kop van een hatelijk voorkomen. Zijn aard is zacht en leerzaam , maar het hatelijke en terugstoo- tende uiterlijke maakt, dat men hem en zijne grimassen slechts met eene soort van vrees en afschuw kan beschouwen. — Deze Apen houden zich troepswijze bij elkander, om de plantaadjen te berooven, welke zij door hunne moedwilligheid groote schade toe-
i3.

